Kantjes en randjes (1)

Jaren geleden was ik begonnen om alle patroontjes te breien uit het oudste Nederlandse breiboekje van Christine Sluter (1843). Zoals dat bij mij vaak gaat bleef het een paar jaar liggen o.a. door mijn werk bij het Openluchtmuseum, maar toen dat was afgelopen heb ik uiteindelijk toch weer een hoofdstuk voltooid. Eigenlijk bleken dit ook nog de leukste patroontjes tot nu toe te zijn uit dit boek. Allemaal bedoeld voor randen aan kousen of voor gebruik in mutsen.

Wanneer je ze vergelijkt met de randjespatronen uit het boek ‘Eutropia’ (1844) die ik ook allemaal heb gebreid, dan zijn deze randjes toch weer anders, al lijkt het soms wel op elkaar, het is nooit precies gelijk. Waarschijnlijk waren veel van deze motiefjes algemeen bekend en men verzon daar eigen varianten op.

Nieuw was, dat het werd vastgelegd in een boek, net zoals dat in die jaren ’40 van de 19e eeuw ook in andere landen gebeurde. Bijvoorbeeld ‘The Ladies Knitting and Netting book’ (1838), ‘Knitting, Netting and Crochet book’ van Mrs Gaugain (1840) en ‘My Knitting book’ door Miss Lambert (1844). Deze boeken vond ik in de verzameling van de bekende brei-expert Richard Rutt, een schat aan vooral Engelstalige breiboeken die online zijn te bekijken via deze link: https://archive.org/details/victorianknittingmanuals

Ik vraag me af of de schrijfsters van breiboeken voorbeelden hebben gezien uit andere landen en die vertaalden of alleen het idee navolgden, want ondanks dat de partronen op elkaar lijken, zijn ze vaak toch net anders. Daarvoor zou ik meer studie moeten verrichten naar de buitenlandse boekjes, maar voorlopig heb ik nog mijn handen vol aan de boekjes uit ons taalgebied. Duidelijk is wel hoe ongelofelijk populair het breien was in die periode in Europa.

1. Rozenbladrandje, 2. Ceresrandje en 3. Agathenrandje.
Uit Christine Sluter, Verzameling van nieuwe en elegante breiwerken, vijfde druk, eerste deel, 1846.

Ik heb een boek van Louise Thomson en Ellis M. Rogge uit begin 20ste eeuw. ‘Kantbreiwerk naar oude patronen” Hierin komen meerdere patronen voor die rechtstreeks zijn overgenomen uit het boek van Christine Sluter. Kennelijk wisten de schrijfsters dit niet want als bron noemen zij een schriftje van de oma van Louise, die daar gebreide staaltjes in had genaaid met het ‘breirecept’ er netjes bijgeschreven.

VI-15. Regenboograndje. In het boek van Thomson en Rogge (onder), wordt een randje met dezelfde naam toch weer heel anders gebreid.
Patroon uit ‘Kantbreiwerken naar oude patronen’ van Louise Thomson en Ellis M. Rogge, Holkema&Warendorf Amsterdam

Binnenkort volgt meer over kantjes en randjes en hier zijn de patronen van dit hoofdstuk als PDF online gratis beschikbaar: https://nederlandsgebreid.nl/patronen.html

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s